thumbnail

MediaTV Classics (1970) Meest complexe brand na de oorlog Groothandelsgebouw Rotterdam

Door de jaren heen zijn er de nodige haven-, industrie,- en scheepsbranden in het Rotterdamse geweest, maar ook grote industriële hulpverleningen. Veel werk is daarbij verzet door de gemeentelijke hulpverleningsdiensten, maar ook door particuliere hulpverleners zoals Smit Internationale, Smit Tak, Smit Fire & Loss Prevention, de diverse regio (vracht-)autobergers en de firma Tieleman Takel- en Transportbedrijf (later ABE Tieleman) waarvan wij het fotoarchief ter beschikking hebben gekregen. 

In de loop der jaren zijn er heel veel foto’s gemaakt en verzameld. De herkomst is niet altijd bekend, maar toch willen we deze informatie met jullie delen, ook al laat in sommige gevallen de kwaliteit te wensen over. Periodiek zetten we enkele foto’s van “wapenfeiten” op de site met een korte beschrijving. Dit doen we in willekeurige chronologische volgorde; soms brand, soms hulpverlening, soms regionaal en ook enige internationale blusacties door Rotterdamse bedrijven/personeel. 

MediaTV Classics (1970) Meest complexe brand na de oorlog 'Groothandelsgebouw Rotterdam' 

Vele jaren noemde men het de grootste en meest complexe brand sinds de oorlog; de brand in het Groothandelsgebouw die uitbrak rond 20.45 uur op 5 januari 1970 en bij de firma Dehnert & Jansen zichtbaar werd door de rookontwikkeling. De oorzaak bleek echter te liggen in het magazijn van Van Gend & Loos. In eerste instantie leek het mee te vallen en werd er na aankomst van de G-wagen van de post Baan middelalarm gegeven. Enige tijd zag het er hoopvol uit, echter iets later bleek de brand zich te hebben kunnen verspreiden via schachten en leidingen. Uiteindelijk raakte ook de kit- en lijmvoorraad van Dehnert & Jansen bij de brand betrokken en het gevolg laat zich raden.

Om 22.38 uur werd het groot alarm en ontwikkelde zich een uitermate grote brand die ook uitslaand werd zowel aan voorzijde en ook op de binnenplaats. Zeer veel personeel en materiaal werd opgeroepen en ingezet; het voltallige vrije beroepspersoneel en alle maskerdragers van “de vrijwillige”.  De condities waren slecht, het was winter met vorst en sneeuw en binnen was het een grote en gevaarlijke oven. Water werd in eerste instantie gehaald vanaf het brandwaternet in de Conradstraat. Door de benodigde inzet van het grote aantal stralen was dat niet toereikend en werd er ook water betrokken vanaf het Weena, de Diergaardesingel en Drievriendenstraat, alsmede vanuit de Spoorsingel aan de achterzijde van het Centraal Station. Niet alleen primaire brandweervoertuigen werden ingezet maar ook een aantal dieselmotorspuiten van de Bescherming Bevolking. 

Ingezet werden vier Ahrens Foxen, 4 G-wagens (TAS), 2 Opel autospuiten, 4 motorspuiten (BB en brandweer), 2 LCW’s voor het vullen van de ademluchtflessen, 1 autoladder, de M-wagen van de Baan, 2 schuimaanhangers, alsmede een groot aantal ondersteunende voertuigen. Het spreekt voor zich dat ook de GGD en politie ruim was vertegenwoordigd. Ruim 100 man personeel van de brandweer en 30 man BB werden ingezet tot uiteindelijk de volgende dag 6 januari rond 19.00 uur het sein “brand meester” kon worden gegeven. De totale inzet van de Rotterdamse brandweer onder leiding van Commandant Vossenaar duurde dus ruim meer dan 24 uur. 

In de komende twee edities nog eens een beschrijving van enkele van de ingezette blusvoertuigen. 

Na het geven van het nader bericht “middelalarm” werd direct een autospuit gealarmeerd met een bluseenheid. De Ahrens Fox autospuit A6 van de Baan was als eerste aan de beurt, gevolgd door enkele zusjes en ook door de Opel autospuiten. Deze Ahrens Fox nummer 6 was de open uitvoering, besteld in 1927 en in dienst gesteld in januari 1929. Net zoals al haar zusjes was ze uitgerust met een 6 cylinder, 16,6 liter benzinemotor van 110 pk en een plunjer-pompinstallatie die een capaciteit had van 3.800 liter per minuut en in staat was een druk te leveren van 10 bar. 

Voor het werken op open getijde-water had de Ahrens Fox 7 zuigbuizen aan boord; 3 van 3 meter en 3 van 4 meter. De 6 achter op meegevoerde straalpijpen op een “steunstok” hadden een grote diameter doorlaat en kunnen worden gezien als de voorloper van de straat waterkanonnen. Later werd het aantal teruggebracht tot 4. De eveneens ingezette A3 en A4 waren de dichte uitvoering. 

De vier Opel Blitz 1,75 autospuiten werden besteld in 1956 en afgeleverd in 1957. Een Opel Blitz 1,9 in moderner uitvoering (de cabine) werd besteld in 1962 en afgeleverd in 1963. De wagens hebben dienst gedaan tot respectievelijk 1970 en 1971. De eerste 4 waren uitgerust met een Kronenburg centrifugaalpomp met een capaciteit van 1.750 liter per minuut, terwijl de laatste een Bikkers pomp had.

Deel dit artikel

Sponsor van MediaTV