In hoger beroep tot 10 jaar cel geëist voor doden man in Ruigeplaatbos Hoogvliet

In hoger beroep tot 10 jaar cel geëist voor doden man in Ruigeplaatbos Hoogvliet

De advocaat-generaal (OM) in Den Haag heeft donderdag in hoger beroep tien jaar cel geëist tegen een inmiddels 22-jarige vrouw uit de gemeente Rotterdam. In de visie van het OM heeft ze zich schuldig gemaakt aan doodslag op haar ex-vriend op 12 oktober 2012 in het Ruigeplaatbos in Hoogvliet. Tegen een 46-jarige medeverdachte, de moeder van de vrouw, eveneens uit de gemeente Rotterdam werd zes maanden cel geëist voor het medeplegen van het verbergen van het lichaam.

Op de avond van 12 oktober 2012 vond een ontmoeting plaats in het Ruigeplaatbos in Hoogvliet tussen de vrouw en haar ex-vriend, het latere slachtoffer. Ook was een (inmiddels onherroepelijk veroordeelde) vriend van de vrouw in het bos aanwezig. Het slachtoffer werd daar meerdere malen met een honkbalknuppel op zijn hoofd geslagen en met een mes gestoken. Het lichaam van het slachtoffer werd versleept naar de bosjes en daar achtergelaten. Later die avond keerden de twee terug samen met de moeder van de vrouw. Ze stopten het slachtoffer in plastic zakken, omwikkelden de zakken met tape en vervoerden het lichaam in de achterbak van de auto naar het strand van het Oostvoornse meer. Daar werd het slachtoffer in een door verdachten gegraven kuil gestopt en afgedekt. Op 27 februari 2013 werd het stoffelijk overschot van het slachtoffer aangetroffen door een voorbijganger die een gedeelte van het lichaam boven het zand zag uitsteken.


De advocaat-generaal vindt dat ten aanzien van de vrouwelijke hoofdverdachte alleen een lange celstraf recht doet aan de ernst van het feit. “Verdachte heeft het slachtoffer van zijn meest dierbare bezit, zijn leven, beroofd. Dit heeft ook zijn nabestaanden onnoemelijk veel leed bezorgd. Samen met haar medeverdachte heeft zij hem verschrikkelijk toegetakeld. Dat het slachtoffer haar voorafgaand aan zijn dood heeft gestalkt, bedreigd en meermalen zou hebben verkracht, weegt het OM in strafverminderende zin mee. Echter ook van belang is dat verdachte zich na het feit uiterst koel en berekenend heeft gedragen. Zij heeft immers samen met de twee anderen het lichaam begraven. In de maanden daarna heeft zij voor de omgeving en ook voor de politie net gedaan alsof zij van niets wist. Zij is zelfs nog met een vriendin bij het nabijgelegen paviljoen geweest en heeft daar gezellige foto’s gemaakt, enkele dagen voordat het lichaam daar werd gevonden. Daarnaast heeft zij tot op heden geen openheid van zaken gegeven, door net te doen alsof zij niet meer weet wat er precies is gebeurd. Dit alles afwegende maakt de geëiste celstraf de enige passende reactie.”

De rechtbank veroordeelde de verdachten tot dezelfde straffen als die vandaag zijn geëist. De mannelijke verdachte werd veroordeeld tot tien jaar cel voor medeplegen doodslag. Die uitspraak is onherroepelijk.

Uitspraak (naar verwachting) over twee weken.